Tag Archives: BKE

BKE END

4 Jul

BKEEND.001

Afgelopen zaterdag mailde ik Rene van Kralingen, mijn BKE Docent, mijn aanvullende werk voor mijn Basiskwalificatie Examinering. Wat begon als een word document eindigde in een vraag en antwoord blog.

Wil je dat allemaal nog eens na lezen, ja die mensen zijn er, dan heb je hier mijn eerste document met de vragen van Rene:

toetscyclus_cor_noltee_19mei2017 – met feedback van Rene v Kralingen

En hier de posts die ik schreef:

BKE RENE

BKE RENE 2

BKE RENE 3

En gisteren kreeg ik van Rene te horen dat ik aan de eisen van het BKE heb voldaan. En dat Rene “hoopt dat ik de toets/beoordelingsdilemma’s blijf delen op mijn blog…………..ze zijn leerzaam voor jou en mij.”

Dus dan doe ik dat. In, zoals Rene zo mooi wist te verwoorden in zijn beoordeling;

“fonetische toetstaal”

En dat benoemen van mijn fonetisch toetstaalgebruik was precies het inzicht wat Rene me eerder aan de telefoon gaf toen ik hem verbaal uitlegde waar ik mee bezig was. Hij zei dat ik het gewoon moest opschrijven zoals ik het vertelde. Ik heb nu geleerd dat dat, in BKE termen fonetische toetstaal, heet ūüôā

Op het podium van ‘beste leraar die ik ooit gehad heb’ staat Rene nu naast Meneer Simons, mijn wiskundeleraar op het Atheneum.

Trouwe lezers weten dat ik een echt alfa mannetje ben. Maar weinig weten dat ik eigenlijk  dierenarts wilde worden. Net als mijn beste vriend Hans. Hans was een kei in wiskunde, scheikunde en natuurkunde. Ik was een drama. Maar ik hield van dieren en van Hans dus koos ik het meest beta pakket wat je maar kunt bedenken.

In de tweede klas van het Atheneum had ik een 5 voor wiskunde en de rest zesjes. Aan alle kanten werd er getwijfeld of die beta kant niet de verkeerde kant voor me was. Ik was een hetero alfamannetje in een beta klas. Dat is natuurlijk vragen om problemen.

Problemen stapelde zich op en hulp kwam uit een onverwachtse hoek. In de vorm van Meneer Simons. In de derde klas kreeg ik een nieuwe wiskunde leraar. Een kleine, oudere man uit Brabant genaamd Meneer Simons. En Meneer Simons was een held. Ten eerste omdat ik aan het eind van het schooljaar een 8 had voor wiskunde maar met name omdat hij met humor een klas testosteron in bedwang hield met grappen en grollen. Als jij dacht grappig te zijn was hij net even grappiger. Hij had een een soort intelligente humor waar ik jaloers op was. Zo wilde ik ook zijn. Maar dat vertelde ik natuurlijk niet. Als 16 jarige grapjas van de klas zei je natuurlijk niet dat je net als Meneer Simons wilde zijn. Maar Meneer Simons was mijn superheld. Ik heb het hem nooit verteld maar stiekem wisten wij het denk ik wel van elkaar.

Het mooiste voorbeeld van hoe Meneer Simons omging met ongeoorloofde acties in de klas was de volgende.

Ik zat naast Hans in de middenrij  en gooide een propje richting de vuilnisbak die naast de deur stond, zo’n 6 meter verder. Via de muur belandde het propje precies……………naast de prullenbak. Meneer Simons zag het maar ging ongestoord verder. Ik ben netjes opgevoed dus stapje op, pakte het propje en gooide het op een meter precies…………..naast de prullenbak. Nu had ik wel alle aandacht. Niet alleen van de klas maar ook van Meneer Simons. De zo quasi nonchalante actie transformeerde zich in een knap zielige vertoning die nog erger werd toen ik voor de derde keer het propje precies naast de prullenbak gooide. Mijn superheld kon het niet meer aanzien en schoot me te hulp. Meneer Simons pakte het propje en zei tegen me dat ik het helemaal verkeerd deed.

Hij droeg me op om drie meter van de prullenbak op de grond te gaan liggen met mijn hoofd richting de prullenbak. Alsof gehypnotiseerd lag ik 5 seconden later op de grond in het wiskunde lokaal. Meneer Simons gaf een voorstelling. Zijn publiek keek ademloos toe. Wat ging hier gebeuren.

Hij vroeg me of ik links of rechts was. Rechts zei ik. ‚ÄėOk, dan moet je het propje met je linkerhand gooien. Met je linkerhand over je rechterschouder, zonder te kijken.‚Äô IK twijfelde geen moment. Meneer Simons had alles onder controle. Het propje zweefde door de lucht, stuiterde op de rand van prullenbak. De klas hield de adem in. Daar lag ik dan met gesloten ogen midden in het wiskunde lokaal. Het propje viel precies‚Ķ‚Ķ‚Ķ‚Ķin de prullenbak.

‚ÄėZo doe je dat Cor.‚Äô En hij stak zijn hand uit en trok me omhoog. Een luid applaus vulde de ruimte. Met een kleine buiging nam Meneer Simons het applaus in ontvangst en ging verder met de cosinus regel. Alsof er niets gebeurd was.

Een van mijn favoriete creatieve denktechnieken is ‚ÄúDe Superheld‚ÄĚ. ¬†Je vraagt je dan af hoe jouw favoriete superheld het zou oplossen. Ik heb er nu drie twee. Batman, Meneer Simons en Rene van Kralingen. En geloof me, ze komen alle drie altijd met hele originele idee√ęn.

Rene bedankt.

PS

Ik zie nu overal BKE.

Deze nam ik in de trein die vanuit Utrecht Rotterdam binnen rijdt.

BKE_trein

 

 

 

BKE Rene 2

12 Jun

bkerene2.001

Dit is een vervolg op mijn post van vorige week over mijn Basis Kwalificatie Examinering (BKE) die docenten opleidt tot toetsexperts.

De 280 eerstejaars HKU Kunst en Economie studenten zijn in groepen ingedeeld, weten wat ze te doen staat en komen op dinsdag met hun plastic tas op school waarop ze bij binnenkomst een papieren vodje krijgen wat ze die week gebruiken als een paspoort.

UNDESIGN2016_paspoort.001Na het bijwonen van colleges en afronden van opdrachten ontvangen de studenten een stempel op hun paspoort en uit de groep studenten met de meeste stempels werden 10 ‘winnaars’ getrokken die naar het What Design Can Do Congres mochten. Een prachtige prijs die normaal zo’n ‚ā¨ 100 kost. Ook de begeleiders kregen vrijkaarten voor het congres.

Regelmatig gebruik ik het ‘paspoort’ principe bij meerdaagse, verschillende onderdelen bevattende programma’s en ben elke keer weer verbaasd hoe goed zo’n simpel beloningssysteem werkt. Het plaatje van juf van de lagere school werkt blijkbaar ook (of nog steeds) voor eerstejaars HBO studenten.

Moeilijkheid vorig jaar was dat door ruimte gebrek de groep opgedeeld werd in even en oneven groepen waardoor niet iedereen tegelijk het begin en afsluitcollege volgde. Dit jaar is er de beschikking over een grote collegezaal waar wel iedereen in past wat veel meer rust bij de studenten en begeleiders zal geven.

Enfin. Tijdens dit seminar leren de studenten dat in deze onvoorspelbare wereld mensen het uitgangspunt zijn voor menselijke oplossingen door stapsgewijs en samenwerkend hun creatieve vertrouwen te vergroten. De leerlingen volgen hierin de stappen van het Tripple Diamond Design Thinking model.

Gebruikmakend van het Tripple Diamond Model, leren de studenten stapsgewijs en in teamverband tot een oplossing te komen om de opvang en integratie van vluchtelingen in stedelijke gebieden te verbeteren. Hun oplossing wordt verbeeld in de vorm van een stopmotion filmpje.

De filmpjes worden aan het eind van de week gepresenteerd. 40 (40 x7=280) groepen tonen een 1-1.30 minuut durend stopmotionfilmpje aan een jury bestaande uit een team van 2 docenten en 2 professionals uit het werkveld.  De docenten beoordelen geen groepen die ze zelf hebben begeleid. De professionals zien alleen het eindresultaat. De professionals hebben ruime ervaring in  het beoordelen van creatief werk als creative en/of strategy director bij design/communicatie bureaus. Vooraf ontvangen de professionals een uitgebreide briefing waarin het programma wordt toegelicht.

Vorig jaar maakte ik gebruik van dit beoordelingsformulier:

stopmotion_beoordeling_UNDESIGN2016.001

Aan het eind van de beoordeling kwam er een teleurgesteld team naar me toe. Ze waren teleurgesteld omdat hun filmpje beoordeeld was met een dun zesje. Ze vonden het cijfer geen afspiegeling van het werk wat ze hadden verricht gedurende de week. Dat kon ik als begeleidend docent alleen maar beamen. Ze waren heel gedisciplineerd te werk gegaan en hadden alle deelopdrachten serieus aangepakt. In de bovenstaand beoordelingformulier  was echter alleen aandacht voor het eindresultaat, het stopmotion filmpje.

Dit jaar is mijn uitdaging dan ook hoe ik het proces onderdeel kan maken van de beoordeling zodat de beoordeling een niet alleen een reflectie is van het eindresultaat en zo beter aansluit bij het doel van de hoofdfase waar UNDESIGN onderdeel van is:

‚ÄúDe student is in staat om met gebruikmaking van creatieve tools te komen tot een dienst, product, concept of bedrijf dat sociale, economische of culturele (meer)waarde genereert en zet daarbij zijn gedegen kennis en ervaring met branding en storytelling in.‚ÄĚ

De Toetscyclus. Stap 1. Het Basisontwerp.

De opleiding Kunst en Economie heeft als doel bij‚Ä® te dragen aan de kennis en kunde van ondernemerschap en management in de creatieve industrie.

De KE-professional is zich bewust van de context waarin zijn werk moet functioneren en ziet het belang van zijn bijdrage aan het oplossen van maatschappelijke vraagstukken (‚Äėcreation of value‚Äô), zoals het vluchtelingenprobleem in UNDESIGN.

UNDESIGN, aan het eind van jaar 1, is onderdeel van de hoofdfase van Kunst en Economie. De KE-professional kan bijdragen aan de ontwikkeling van het werkveld en de veranderende context. De KE-professional ontwikkelt in de KE-opleiding vijf competentiegebieden. Deze competentiegebieden stellen de afgestudeerde KE-professional in staat om sociale, economische of culturele (meer)waarde te leveren zowel binnen als (bijvoorbeeld in crossover situaties) buiten de bestaande culturele waardeketen. De competentiegebieden zijn onderverdeeld in een hoofdfase (jaar 1, 2) en de specialisatiefase (jaar 3, 4).

UNDESIGN in jaar 1 is onderdeel van het competentiegebied Art and Creation:

Hetgeen terugkomt in het vorig jaar geformuleerde leerdoel van Undesign;

De student kan bepaalde creatieve werkvormen inzetten bij het oplossen van diverse vraagstukken.

Dit grote omvangrijke leerdoel zou ik dit jaar willen onderverdelen in een aantal concretere, op het Tripple Diamond Model, gebaseerde leerdoelen. En deze met de begeleiders en studenten aanscherpen.

Wordt vervolgd.

BKE RENE

3 Jun

BKErene.001

Het is 6.08 en ik zit aan de eettafel met een dubbele espresso. Ik was al om 5.43 wakker net als gisteren (05.14) en donderdag (05.18) vroeg dus.¬†Vandaag is het zaterdag. Een bijzondere zaterdag want vanavond ga ik met mijn goede vriend Daniel naar de opening van ‘s-werelds grootste Mondriaan tentoonstelling ooit. Misschien ben ik onbewust toch een beetje nerveus. De dresscode is namelijk ‘a touch of red, yellow, blue’.

Tijdens mijn Marie Kondo opruimactie heb ik met mijn rode Boss pak in mijn handen gestaan en gevoeld of ik blij werd van mijn rode Boss pak. Blij is niet het goede woord. De emoties gieren door mijn lijf als ik alleen al aan mijn rode Boss pak denk. Ik droeg het tijdens de begrafenis van mijn moeder die daar waarschijnlijk trots van had gezegd ‘die Cor he, wat een droge’. En ik droeg het tijdens mijn Pecha Kucha tijdens de master kunsteducatie waarbij ik, staand in mijn rode Boss pak met het hart in mijn keel 6 minuut 40 mijn mond hield met achter mij op het scherm een groot rood vlak waarvan de schaduw in 20 stappen van rechtsboven naar linksonder verschoof. (een Pecha Kucha is een presenattievorm waarbij je verhaal doet ondersteund door 20 plaatjes die elk 20 seconden blijven staan. Het enige wat ik gezegd had was dat “Cor Noltee helaas niet aanwezig kon zijn).

Maar ik dwaal af. Want ik denk toch niet dat dat de reden is waarom ik hier zo vroeg zit te typen op mijn vrije zaterdagochtend. De reden dat ik hier zit te typen is Rene van Kralingen. Rene is mijn docent in de BKE training die ik volg als docent aan de Hoge School voor de Kunsten in Utrecht. De BKE training is een cursusonderdeel van de didactische training die ik, moet, volgen. Moet, moet……ik heb natuurlijk een keus maar ondanks het feit dat ik een master in kunsteducatie heb en al 10 jaar uitstekende feedback van studenten, docenten en mijn directeur ontvang, heb ik geen didactische aantekening. Ik ben¬†zo’n praktijk geval dat het onderwijs is ingerold. In 2006 vroeg een collega van het reclamebureau waar ik werkte of ik voor hem wilde invallen. Of ik een college wilde geven over ‘Inspiratie’. De avond voor het college ben ik toen¬†met mijn camera voor mijn boekenkast gaan staan en trok er half de boeken uit waar ik ter plekke, weer, ge√Įnspireerd door raakte. Ik fotografeerde de covers en zette deze in een Keynote en liet die zien met mijn verhaal wat mij zo inspireerde in die boeken. Die avond na het college stuurden¬†drie studenten Gabrielle Kuiper een mail, of ik geen les kon komen geven op HKU. De ochtend erna belde Gabrielle Kuiper dus met die vraag: ‚ÄúCor, zou je les willen geven op HKU?‚ÄĚ Dat wilde ik wel. Je moet wat als werkloze waterbakker. Dat lesgeven bestond uit 6 colleges van 90 minuten aan tweede jaars HKU Kunst en Economie studenten. Ik deed dat op basis van het boek van Daniel Pink, ‚ÄúEen compleet nieuw brein‚ÄĚ, dat ik toen aan het lezen was en sindsdien op de verplichte literatuurlijst staat van HKU. Dat kwam heel goed uit want in dat boek beschrijft Pink de 6 rechter hersenhelft vaardigheden die wij hier in het Westen moeten ontwikkelen om producten en diensten te ontwikkelen die mensen emotioneel raken;

1. Empathie, je kunnen inleven

2. Symfonie, combinaties kunnen maken

3. Verhaal, een verhaal kunnen maken

4. Design, niet alleen iets dat werkt maar ook iets moois kunnen maken

5. Humor, spel en plezier kunnen inzetten

6. Zingeving. Betekenis kunnen toevoegen.

Zo bracht Daniel Pink me via een TBWA\ collega, Gabrielle Kuiper en enkele ge√Įnspireerde studenten op het podium van de grote zaal van HKU Kunst en Economie. Elf jaar later zit ik op zaterdagochtend uit te leggen over het hoe, wat, waarom, wanneer en wie van de BKE.

Maar ik dwaal af…..weer. Sorry Rene.

Ja. Ik schrijf deze post namelijk voor Rene van Kralingen. Want Rene is de hoofdreden dat ik hier zon enthousiast zit te schrijven. Rene gaf me gisteren namelijk feedback op het document dat ik ingeleverd had om mijn BKE te halen. De Basis Kwalificatie Examinering (BKE) leidt docenten op tot toetsexperts die het antwoord hebben op deze en andere complexe toetsvraagstukken;

‚ÄúIs mijn voldoende wel echt een voldoende?‚ÄĚ
‚ÄúDe toets is heel slecht gemaakt, hoe kan dat nou?‚ÄĚ
‚ÄúHoe kun je de redenaties en argumentaties van studenten toetsen?‚ÄĚ
‚ÄúMijn collega is veel soepeler in haar beoordeling dan ik. Hoe kunnen we op √©√©n lijn komen?‚ÄĚ

Tijdens de BKE komen de volgende onderwerpen o.a. aan bod:

  • Toetskwaliteit: toetscyclus, kwaliteitsborging, indicatoren van kwaliteit
  • Toetsvormen: schriftelijk, praktisch, mondeling, eindwerkstuk, assessment
  • Alignment: toetsprogramma, toetsbeleid
  • Instrumentarium: rubric, normering, toetsmatrijs

En na afloop kun je:

  • De kwaliteit van de eigen toetspraktijk en gebruikte werkwijzen screenen
  • Een weloverwogen keuze maken voor geschikte toetsvormen
  • Een bij eindvereisten passend toets- en beoordelingsplan opstellen
  • Toetsen en andere beoordelingsinstrumenten ontwerpen en samenstellen
  • Methoden voor resultatenanalyse, cesuurbepaling en toetsevaluatie in de praktijk gebruiken

Docenten en medewerkers onderwijsontwikkeling bij HKU moeten¬†een BKE halen.¬†Dus ook ik. En bij het woordje ‘moeten’ gebeuren er rare dingen in het hoofd en lijf van Cor Noltee. En dat is precies wat Rene heel goed begreep toen hij me gisteren telefonisch aanhoorde en vragen bleef stellen. Zijn opmerking ” je moet het gewoon opschrijven zoals je het nu tegen mij vertelt”, was precies de juiste snaar. Of was het dat ik Rene gewoon een hele aardige vent vind en hem heel hoog heb staan. Laat ik weer niet teveel afdwalen. Het is zaterdagochtend 06.52 en Cor Noltee schrijft aan zijn BKE ge√Įnspireerd door Rene.

College’s duren bij HKU meestal 90 minuten met soms een pauze na 45 minuten.

Even pauze dus.

07.05

Zo. Dubbele espresso. Daar gaan we weer.

De BKE bestaat uit een aantal bijeenkomsten waar je heel praktisch aan de slag gaat met de theorie. Je gebruikt een eigen onderwijs situatie¬†waarbij je de opgedane kennis inzet om de toetsing ervan te verbeteren. ¬†Ik gebruik daarvoor de module ‘UNDESIGN’. UNDESIGN is een 4 daags programma voor alle 280 eerstejaars HKU Kunst en Economie studenten die vorig jaar in juni voor het eerste plaatsvond. En hoe dat ontstaan is zal ik even toelichten. Nadat ik part time aan de slag was gegaan naar aanleiding van mijn inspiratie college werd ik gevraagd of ik wilde invallen voor het vak Creativiteit en Concept voor eerstejaars. Het vak bestond uit hoorcollege’s aanvullend op het boek Creativiteit Hoe?Zo! van Igor Byttebier. Elke week een college van 90 minuten. Vooral veel zenden en weinig interactie. Da’s ook best lastig met ruim 200 studenten in een zaal…..dacht ik toen. Maar wat ik veel storender vond was dat het ritme van 6 weken elke week 90 minuten college waarbij het gevraagde ‘huiswerk’ (hoofdstukken lezen en opdrachten doen) lang niet door iedere student werd gedaan. Lang niet betekent eigenlijk bijna helemaal niet. Mijn conclusie toen was dat je het vak Creativiteit toch echt moest Doen en dat die week ertussen je uit de Flow van het Doen haalde. Toen ik een jaar later weer voor het vak werd gevraagd, heb ik vriendelijk bedankt waarop Gabrielle Kuiper me vroeg “maar hoe zou jij het doen dan?”. ¬†Tien jaar van proberen, ontwikkelen, falen en veel energie, vooral met HKU collega Danielle Cuppens hebben geleid tot een van de 5 competentiegebieden Art and Creation (A&C) .¬†Deze competentiegebieden stellen de afgestudeerde KE-professional in staat om sociale, economische of culturele (meer)waarde te leveren zowel binnen als (bijvoorbeeld in crossover situaties) buiten de bestaande culturele waardeketen. De competentiegebieden zijn onderverdeeld in een hoofdfase (jaar 1, 2) en de specialisatiefase (jaar 3, 4). UNDESIGN, aan het eind van jaar 1, is onderdeel van de hoofdfase van Kunst en Economie.

Zijn jullie er nog?

HKU, Kunst en Economie, Jaar 1, 5 competentie gebieden, Art and Creation:

Schermafbeelding 2017-06-03 om 07.45.30.png

Het ¬†deel “De student is in staat om strategische samenwerkingsverbanden, waar ontwerpers en makers onderdeel van uitmaken, ten gunste van de optimaliering van creatieve en zakelijke processen (waardecreatie en/of co-creatie) te ontwerpen en te realiseren.” leren de studenten niet tijdens UNDESIGN. Echter de case waarmee de studenten aan de slag gaan bij UNDESIGN is wel een prachtig voorbeeld van een strategisch samenwerkingsverband. Dit jaar gaan de studenten weer aan de slag met de¬†¬†Refugee Challenge van What Design Can Do die vorig werd ge√Įntroduceerd;

Vluchtelingen die asiel zoeken in een gastland zijn beperkt in hun mogelijkheden. Zij hebben geen toegang tot werk, weinig of geen geld en beperkt in hun bewegingsvrijheid. Families zijn uit elkaar gerukt en asielzoekers leven onder moeilijke omstandigheden met geringe mogelijkheden tot het cre√ęren van een persoonlijke levenssfeer. Zelfs als, na maanden of jaren wachten, asiel wordt toegekend, moet de echte integratie nog op gang komen. Je ‚Äėmens‚Äô voelen is uitermate moeilijk onder deze omstandigheden.

Deze fundamentele uitdaging is onderdeel van de wereldwijde What Design Can Do Refugee Challenge, een gedeelde ontwerpwedstrijd door design platform What Design Can Do, UNHCR en de IKEA Foundation.

Ik was op de Challenge gestuit via een goede relatie van mij; Marie de Vos die toentertijd als design researcher werkte bij STNDBY in Amsterdam. Marie heeft een belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling van de What Design Can Do Refugee Challenge en met name in het verzamelen van inzichten en in het kaart brengen van de behoeften van de verschillende stakeholders in het vluchtelingen vraagstuk. En dat was precies het onderdeel wat in voorgaande jaren te veel tijd kostte voor de leerlingen om zelf te doen en ook een vaardigheid betrof die ze nog niet geleerd hadden. Toen Marie me uitlegde dat de What Design Can Do Refugee Challenge bestond uit de resultaten van hun onderzoek verwoord en verbeeld in 5 briefs vroeg ik of de challenge mocht gebruiken als basis voor mijn UNDESIGN seminar en Marie jurylid wilde zijn en de stoplotion filmpjes van de 40 groepen studenten aan het einde van de week wilde beoordelen. Dat wilde ze en het leek me verder een goed idee als ik het voorhanden materiaal eerst zelfde testte. Dat deed ik met een tweetal groepen Master Crossover Creativity studenten in de rol van facilitator en vervolgens als deelnemer in een sessie in Amsterdam waarbij Marie de facilitator was. Zo had ik het programma van twee kanten kunnen ervaren en evalueren. Mijn conclusie was dat de What Design Can Do Refugee Challenge uitstekend materiaal was en om te bouwen naar een 4 -daags programma voor alle 280 eerstejaars HKU Kunst en Economie studenten waarbij deze aan het eind van UNDESIGN

“In staat is om met gebruikmaking van creatieve tools te komen tot een dienst, product, concept of bedrijf dat sociale, economische of culturele (meer)waarde genereert en zet daarbij zijn gedegen kennis en ervaring met branding en storytelling in.”

Het is nu 8.26

Tijd voor een pauze.

Het is 09.10 Een banaan, sinaasappel, citroen, sla, spinazie en kiwi shake en een goede evaluatie met mijn vrouw over gisteravond en daar gaan we weer.

Met de¬†What Design Can Do Refugee Challenge had ik prachtig, zelf geteste “creatieve tools om te komen tot een dienst, product, concept of bedrijf dat sociale, economische of culturele (meer)waarde genereert.”

Marie tipte me nog op een mooie film “Welcome”;

Kurdish teen Bilal (Firat Ayverdi) has traveled all the way to the north of France in the hope of reuniting with his girlfriend in England. To get around a legal technicality, he decides to swim across the English Channel — even though he’s unable to swim. Simon Calmat (Vincent Lindon), the local swimming instructor who is struggling with his own impending divorce, agrees to train Bilal for his grueling journey. The two soon form a strong bond that helps them in unexpected ways.

Ik had haar namelijk verteld dat ik in de aanloop en op de eerste dag van het 4 daagse UNDESIGN programma de studenten echt wilde onderdompelen in de context en emotie van het vluchtelingen vraagstuk. Een week van te voren stuurde ik de studenten (en 6 HKU begeleiders) deze mail:

“Dag Toekomstige Vluchteling,

Volgende week gaan we aan de slag met de What Design Can Do Refugee Challenge. Hiervoor hebben jullie van Ineke van den Berg al het programma ontvangen.
Voor een goed verloop van de week is het belangrijk dat jullie een aantal zaken voorbereiden. Het programma is zo ontworpen dat het NOODZAKELIJK is dat je deze voorbereiding doet. Goed doet. Met aandacht. Mede omdat je in teams werkt en je zonder goede voorbereiding je op voorhand je team op achterstand zet.
Hoe ziet die voorbereiding eruit?
1. Hier vind je meer informatie aan over het project.
Kijk niet naar de data. Die gelden niet voor ons.
Lees het document.
2. Hier staan de 5 Briefs:
Maak een keuze uit een van de 5 Briefs en lees vervolgens deze Brief GRONDIG door. Print deze uit en neem hem mee dinsdag mee. Deel van de kennismaking van je team is delen welke brief je hebt gekozen en waarom. Uiteindelijk kies je als team 1 brief waar je mee gaat werken. Dus nogmaals. Het is belangrijk dat je weet welke Briefs er zijn en, dat je er een gekozen hebt…….en heel goed hebt gelezen. Het geeft je namelijk de noodzakelijke basis en verdieping in de opdracht en maakt het vervolg een intensere leer-en team ervaring.
3. Je vluchtelingen plastic tas.
Dinsdag neem je een plastic tas mee waarin de spullen zitten die je mee zou nemen als je NU zou moeten vluchten. Ja NU. Niet morgen of straks. Nu. Je staat in je huis en moet bepalen wat je meeneemt. Je hoort een Tank de straat in denderen. Je hebt 2 minuten. Wat neem je mee? Je teddybeer? Je oude kroel? Het horloge van je opa dat ie op zijn sterfbed aan je gaf? WAT NEEM JE MEE.
De inspiratie voor dit idee komt van:
Deze voorbereiding is veel werk. Dit doe je niet in een uurtje. Het kost je zeker een halve dag. Die hebben we in het rooster ook ingepland….op maandag. Het fijne wel is dat je het ook de komende dagen kunt doen wanneer JIJ wil, waar je wil. Op het strand, in de trein, op bed, de hangmat, de sauna.
Geniet nog maar even van je vrijheid. Dinsdag is het voorbij ūüôā Dan krijg je vluchtelingen paspoort en staan de What Design Can Do Coaches je op te wachten bij de ingang van het vluchtelingenkamp‚Ķ..to help YOU to make a DIFFERENCE.
We kijken ENORM uit naar volgende week. Een geweldige kans om onze Kunst en Economie in te zetten om een waardevol verschil te maken.”
De oproep aan de studenten voor het vullen van hun vluchtelingen plastic tas inspireerde de coaches tot schrijven van verhalen en foto’s van hun tassen:

Via radio 1 en twitter heb ik het gezien, maar kan het niet geloven: Utrecht is al bezet. De tanks trekken naar het zuiden en zijn dichtbij. In de verte kan ik ze al horen, het is onheilspellend. Ik weet dat we straks het getril in de straten zullen voelen.

Ik roep de kinderen om nu meteen hun stevigste schoenen aan te doen, en om een trui en regenjas aan te doen. Ze moeten het rugzakje pakken dat ik vorige week al heb klaar gezet. Dat deed ik toen in feite om het lot te bezweren, maar nu is er geen ontkomen meer aan. Hun tandenborstels had ik erin gestopt, verder nog niets. En een aantal strippen medicijnen voor onze middelste  dochter, anders redt ze het alsnog niet. Pak ieder een waterflesje mee en vul het, snel!
En ik? Mijn goeie schoenen, het zakmes, de oude zwarte wollen legertrui van mijn vader waar nog wat van zijn grijswitte haartjes uit de wol steken, mijn regenjack, een foto van ons gezin van vlak na Tiba’s transplantatie – toen leefden we d√≥√≥r na die enorme beproeving, met zijn vijven, dus nu lukt het ons vast ook. Die foto zal me herinneren aan bovenmenselijke kracht en wat wij samen kunnen.
Twee boekjes die door mijn voorouders zijn geschreven, omdat ik die altijd om me heen voel, en omdat de Romantiek uit hun verhalen nodig zal zijn om mij er doorheen te slepen in barre tijden.
Zelf moet ik ook schrijven, dus een schrift met pen.
Een usb stick met foto’s van betere tijden.
Mijn paspoort.
Twee plastic tasjes, waarvoor eigenlijk?
Een waterfles. Ik kan hem niet meer vullen. We moeten opschieten.
plastictas
Vervolgens ontvingen de 6 coaches 1.Workshop Manual LowRes waarin het proces en alle materialen in stonden. De studenten ontvingen deze via mail aan het eind van de eerste dag om ze niet teveel info aan het begin van de module te geven.
Het programma voor de week zag er als volgt uit:
Schermafbeelding 2017-06-03 om 09.50.47
Met dank aan rots in de rooster branding Ineke van den Berg.
Korom de eerste dag (dinsdag)  onderdompeling en kennismaking met elkaar en de coaches. En woensdag en donderdag in de ochtend uitlegcollege waarin stap voor stap het door de studenten reeds ontvangen workshopmanual werd toegelicht en uitgelegd. Vervolgens gingen studenten zelf aan de slag en kwamen de coaches op vooraf gecommuniceerde tijden bij de groepen langs om ze begeleiden (niet beoordelen)
Schema voor woensdag en donderdag:Schermafbeelding 2017-06-03 om 09.56.13
Het is 10.00
Ik voel een pauze aankomen.
Pauze.
%d bloggers liken dit: